Rust na hard werken

Het werk kan positief of negatief beleefd zijn, en dat tekent de periode erna. Ook de vraag of er daarna een vrije, blije periode kwam of een periode met ziekte of een zware mantelzorgtaak. Mogen ouderen feestvieren alstjeblieft? Wat te doen als men spanning zoekt?


Niet iedereen gaat op een bepaald moment met pensioen

Mensen in loondienst gaan op een gegeven moment met pensioen, maar ondernemers, kunstenaars, huisvrouwen, vrijwilligers en anderen hebben geen duidelijke markering van de overgang als het ‘werk’ wordt afgebouwd. Zij hebben het in eigen hand om te bepalen of ze hun werk willen voortzetten of willen stoppen. Zij hebben die grote, abrupte breuk niet tussen het doen van betaald werk, en daarna de periode zonder werk. Je hoort artiesten in interviews wel zeggen dat ze het rustiger aan gaan doen en dat heel prettig vinden en zij kunnen kiezen. Behalve als ze niet meer gevraagd worden en tegen hun zin uit de running raken, dan wordt het een andere zaak. Kees Brusse, toch een gevierd acteur, voelde een grote leegte toen hij niet meer werd benaderd om rollen te spelen. Hij heeft toch met eigen geld een film gemaakt waarin hij gewoon zichzelf speelde, hij was ‘Kees’; over ouderen die te weinig te doen hebben. De film is getiteld: ‘Vader is zo stil de laatste tijd’.

Hoe het pensioneren ervaren wordt hangt sterk af van de betekenis die het werk had. Het werk kan voor een groot gedeelte de identiteit zijn geworden. Het is met plezier gedaan, men kon zich ontplooien en was van belang voor anderen. Men ontleende daaraan status en identeit. Dan zal de overgang naar niet-werken heel pijnlijk zijn. Dan hoor je: ‘Ik voel me bij het grof vuil gezet’. Men valt in een gat.

Soms pikt men dat niet en gaat op zoek naar part-time werk via een senioren-uitzendbureau bijvoorbeeld, of men begint voor zichzelf. Zeker als men al lang voor het 65ste jaar werkloos wordt. In de cursussen ‘Pensioen in zicht’ wordt geadviseerd om toch vooral ruim voor het pensioen andere interesses te gaan ontwikkelen.

Als werk echter meer een plicht dan een vervulling was, als men moe is en uitgewoond en zich innerlijk al een tijdje heeft vervreemd van de baan, dan is het pensioen een bevrijding. Dan lokt de vrijheid. Als echter de periode voor de pensionering erg negatief was is het mogelijk dat eerst die oude negativiteit opgeruimd moet worden, voordat het bevrijdingsgevoel echt doorbreekt. Dat kost tijd. Helaas zijn er ook veel gevallen bekend waarbij mensen hebben gesnakt naar het pensioen, en als het dan eindelijk kwam was men met een jaar al dood. Dat schrikbeeld leidde ertoe dat mensen de VUT-mogelijkheid aangrepen om eerder op te houden en zodoende nog fit genoeg te zijn om van het pensioen te kunnen genieten.

Vrijheid, onthaasten, tijd hebben
Tijd is een schaars goed in onze maatschappij, maar niet voor de ouderen. Zij hebben inderdaad tijd, ze kunnen kiezen wat ze met die tijd doen. ‘Time to choose’. Het is niet voor niets dat veel oudere mensen zeggen dat het de mooiste tijd van hun leven is: oud is feest! Jongeren geloven het niet, maar het is wel zo. Als men geen andere grote belemmeringen heeft: geen erg slechte gezondheid, geen (te) zware mantelzorg-taken, dan is het de fijnste tijd van je leven. Zozeer zelfs, dat het begint op te vallen. Er klinkt jalouzie: ‘Dat zijn YEEPIEs, feestvierende ouderen.! Mag het, zou je zeggen, ze hebben gewerkt, ze hebben gespaard. Ze zijn allemaal arm geweest, veel armer dan jongeren nu. Ouderen houden de maatschappij ook een spiegel voor. Ze stellen impliciet de vraag aan de orde of mensen alleen maar gelukkig kunnen zijn als ze betaald werk doen.. Dat is het arbeidsethos, heel sterk uitgedragen door de huidige regering en ook door de PvdA trouwens. Zij stellen dat je zonder (betaald) werk niet gelukkig kunt zijn, dat blijkt uit alle maatregelen die mensen aan het werk moeten helpen, WAOers worden goedgekeurd, want dan gaan ze fijn weer aan het werk (welk werk?). En de ouderen dan? Zij zijn niet meer opgenomen in het arbeidsproces. Geen wonder dat ze zich aan de kant gezet voelen als de maatschappij zo doordrongen is van de boodschap dat alleen werk gelukkig maakt. Maar dat is een valse voorstelling van zaken. Drie soorten werk
‘Werk’ heeft in feite drie verschijningsvormen: betaald werk, vrijwilligerswerk en zorgtaken in de privesfeer. Alle drie soorten activiteiten zijn werk in die zin dat ze van betekenis zijn voor anderen en de samenleving. Het gaat bijvoorbeeld niet om ‘hobby’, want dat is alleen voor jezelf. Als je dan weer bestuurslid van een hobbyclub wordt is het weer wel vrijwilligerswerk. Betaald werk verschilt van de andere twee door het loon; vrijwilligerswerk en zorgtaken verschillen van elkaar doordat men vrijwilligerswerk doet vanuit een georganiseerd verband en het echt een vrijwillige keuze is, terwijl mantelzorg meestal wordt ervaren als een morele verantwoordelijkheid, gebaseerd op een bestaande relatie.

Het zou goed zijn, als deze drie soorten werk ook een even belangrijke status zouden hebben in onze maatschappij, omdat ze alledrie een element hebben van belang voor de samenleving. Dan zou het makkelijker zijn om ook voldoening en vervulling te vinden in vrijwilligerswerk, en zich evenzeer gewaardeerd te voelen als men zware zorgtaken heeft. Wat dat laatste betreft: het is kwetsend zoals op dit moment voortdurend wordt gehamerd op de te verwachten toename van de zorgvraag door ouderen, terwijl ouderen de belangrijkste groep mantelzorgers zijn. Ouderen leveren zorg! Zij doen dat uit verantwoordelijkheidsgevoel en met toewijding, maar het is geen vrije keuze. Het heeft wel z’n eigen voldoening en trots als men het voor alkaar brengt, maar het is ook riskant. Gevaar voor overbelasting is reeël. Voor hen is er dan geen vrije blije tijd van de jonge ouderdom.

Vrijwilligerswerk
Actieve ouderen kunnen soms de spanning van hun betaalde job missen. Ze gaan dan spanning zoeken. Een kleine groep gaat enge activiteiten doen zoals bungy-jumpen en bergbeklimmen, want ouderen kunnen hetzelfde als jongeren, alleen in een ander tempo. Of ze zoeken hobbies, kursussen, knappen hun huis op of gaan zich intensief met de kleinkinderen bemoeien. Maar soms komt men op een punt dat men zegt: nu wil ik toch wel graag het gevoel hebben dat ik iets beteken voor anderen, voor de maatschappij. Men mist de (afgesleten begrip) uitdaging. En men gaat op zoek naar vrijwilligerswerk. Dan blijkt dat het nog niet meevalt om echt zinvol werk te vinden dat de betekenis van de betaalde arbeid vervangt. Soms kiest men het tegenovergestelde werk van wat men deed. Een directeur van een groot concern gaat werken met gehandicapten want hij miste vroeger het contact van mens tot mens. Of andersom: de accountant wordt penningmeester, maar dan wel voor een sympathieke vereniging. Wie al voor het pensioen vrijwilligerswerk deed, heeft het gemakkelijker, men zit al in een stroom. Om te helpen bij het kiezen van zinvol vrijwilligerswerk kan een checklist helpen:



CHECKLIST VRIJWILLIGERSWERK.
1. Contact met andere mensen, gezelligheid
2. De mogelijkheid om te leren en zichzelf te ontwikkelen
3. Eigen ervaring en kennis kunnen gebruiken
4. Iets nuttigs kunnen doen
5. Versterking van de eigen identiteit
6. Maatschappelijke status
7. Functioneel samenwerken met collega’s, een beroepsgroep
8. Waardering
9. Werken voor een spannende organisatie
10. Struktuur in je dag- en weekindeling
11. De vrijheid zelf te kiezen wanneer je je wilt inzetten
12. Aandacht voor de ‘rechtspositie’, vergoeding onkosten,
goede afspraken
Wat zoek ik,
...
...
...
...
...
...
...
...
...
...
...
...
wat krijg ik,
...
...
...
...
...
...
...
...
...
...
...
...

(Download dit stuk en ook de tabel om uit te printen: Downloaden.)

Het is de bedoeling om cijfers te geven voor wat men zoekt en wat de vrijwilligersjob biedt. Als men zich van te voren bewust maakt wat men eigenlijk wil kan dat helpen bij een kennismakingsgesprek met een organisatie. ‘Wij hebben u zo nodig’ is geen basis voor een werkrelatie, het moet echt passen. Deze lijst heeft trouwens ook organisaties geholpen om over hun aanbod na te denken.

Door de bewegelijkheid van de moderne ouderen is de vraag naar tijdelijke vrijwilligersklussen toegenomen. Dus niet in een bestuur gaan zitten, maar wel helpen met een overzichtelijke, tijdelijke taak. Anderen zetten als vrijwilliger zelf een nieuw project op, zie elders in dit nummer. Dan kun je zeker je energie kwijt!

Kortom: werk vindt men in vele vormen en het is er ook voor ouderen. Maar vrijheid zonder werk mag als je ouder wordt: je mag genieten, oud is feest.

Liebje Hoekendijk